Over Musils "Mann ohne Eigenschaften"

"Über dem Atlantik befand sich ein barometrisches Minimum; es wanderte ostwärts, einem über Russland lagernden Maximum zu, und verriet noch nicht die Neigung, diesem nordlich auszuweichen."

Zo begint het eerste hoofdstuk van Robert Musils magnum opus De man zonder eigenschappen: "Boven de Atlantische Oceaan bevond zich een depressie; zij verschoof oostwaarts, naar een boven Rusland stilhoudend hogedrukgebied toe, en verried nog niet de neiging, dit in noordelijke richting uit de weg te gaan."
Musil verraadt hier, in een precies geformuleerde volzin, al veel van wat hij in zijn meesterwerk van plan is: een objectieve, of op zijn minst objectivistische literatuur, die accuraat wil beschrijven wat is, wat het moderne leven is. Musil, zo is meteen duidelijk, zal het de lezer niet makkelijk maken, en richt zich op een .. publiek. Let ook op Musils aandacht voor "de neiging" van de Atlantische depressie: hier geeft hij al uitdrukking aan een centraal idee van de roman, namelijk dat wat kan zijn, het "mogelijke", even belangrijk is als wat is, het "feitelijke". Boven hoofdstuk I staat, behalve de Romeinse I, ook nog: "Waaruit opvallenderwijs niets volgt." Daarmee is ook een ironische, lichte toon gezet, die hier spot met de (romantische) literatuur en zijn hoofdstuktiteltjes. De gehele roman is echter een afrekening met de cultuur van de Dubbelmonarchie, "Kakanien", en onze cultuur in het algemeen.

Evenmin als de stad Wenen anno 1913, is de handeling die in deze roman plaatsvindt niet het doel van Musils schrijven. Het gaat hem uiteindelijk erom "een Bildungsroman van een idee" te schrijven. De stad en de handeling zijn niet meer dan aanleidingen waardoor deze Bildung te beschrijven is. Zo bijzonder veel gebeurt er dan ook niet in de duizenden pagina's van de roman. "De man" vertelt in eerste instantie het wedervaren van een man, genaamd Ulrich, achternaam blijft ongenoemd "want dat zou zijn familie schaden" [;)].
Recensenten halen vaak twee elementen uit de stroom van gebeurtenissen die Musil beschrijft. Ten eerste dat Ulrich deel uitmaakt van een organisatie genaamd de Parallelaktion, die het zestigjarig ambtsjubileum van keizer Franz-Josef moet voorbereiden. Grapje van Musil, want wij weten, door de Gnade des Spätgeburts, dat Franz-Josef dit jubileum nooit heeft gehaald. Grapje waarmee hij laat zien dat het mogelijke en het reëel gebeurende vaak uiteenlopen. In dit eerste deel gaat Musil veel meer in op de sociaal-historische werkelijkheid van de Dubbelmonarchie. De ondergang daarvan leidt hem tot de conclusie dat de mens zijn geloof in verlossing door historische ontwikkeling is verloren.

Ten tweede: Ulrich gaat een "incestueuze" relatie aangaat met zijn "zuster" Agathe. Zuster meer in de litteraire dan letterlijke zin van het woord: het gaat hier om een mystieke eenwording van gelijkgezinden, en een overstijging van de

Hiermee komen we op de centrale idee waarvan Musil de geboorte wil beschrijven. Zijn stelling is dat de moderne wereld behoefte heeft aan een mens die net zo modern is als de technologie die al door de straat davert. Terwijl de wereld in rap tempo moderniseert, leven de meesten nog in een feodale cultuur. Musil analyseert de vooroorlogse Oostenrijkse maatschappij, "Kakanië", als een van stagnatie en verkramping. Oorzaak daarvan is dat de maatschappij en de mentaliteit zich in verschillende tempo's ontwikkelen.
Volgens Musil bestaat er - tegenover en naast de gewone, reële wereld, waarin men slaafs gelooft wat men van autoriteiten krijgt aangereikt - een andere, mystieke wereld. En het is deze wereld van de mystiek die Musil, met name in het tweede deel van Der Mann, bijna wetenschappelijk exploreert: "Het is Musils obsessie om zaken die krachtens hun aard zo vaag, veranderlijk en ongrijpbaar zijn dat ze zich haast per definitie aan de taal onttrekken, desondanks messcherpe contouren te geven", aldus Cyrille Offermans. Wanneer men zich geheel voor de werkelijkheid openstelt, deze open ervaart, zal men een beter beeld ervan krijgen, een waarachtiger leven leiden. En Musils hoofdpersonage Ulrich is het ideaaltype van deze, onbevooroordeelde, direct ervarende, niet door vertekenende eigenschappen behepte mens. In hem kunnen we de genesis van de eigenschapsloze, moderne mens zien.

De kritiek van Nietzsche e.a. op de kritiekloos gelovende, slaafse mens is hier niet ver. Musil combineert die met de ideeën van de Weense natuurwetenschapper en filosoof Ernst Mach. Mach stelde, nogal idealistisch, dat de mens eigenlijk niet meer is dan een brandpunt van ervaringen; dat er eigenlijk geen "ik" is. Musil zet de ervarende, waarchtige, vrije mens als modern ideaal, als een vorm van "juist leven", tegenover de slaafse Kakaniaan.

[onderdeel in aanbouw]